Blog

Dit zijn mijn katten, links Spike en rechts Dobby.  Ze zijn katten van ruim14 jaar oud en vorig jaar viel mij op dat Dobby wat magerder werd, ondanks dat hij een enorm grote eetlust had. In zijn gedrag was hij ook veranderd, hij was heel erg vocaal en tijdens het eten was hij aan het schooien. Dingen die hij voorheen nooit deed. Ook had ik het idee dat ik de waterbak steeds vaker bij moest vullen… kortom; het werd weer eens tijd voor een check-up. Bij beide katten uitgebreid bloedonderzoek gedaan, waarbij Spike kerngezond bleek, maar bij Dobby wel degelijk wat mis was. Mijn vermoeden was bevestigd; Dobby had een te snel werkende schildklier. Bij het eerste bloedonderzoek was de T4 waarde 88 (normaal tussen de 10 en60) en dit kwam overeen met de verschijnselen die ik zag. Wat nu? Allereerst heb ik hem op medicatie (thiafeline) gezet, om de overmaat aan schildklierhormoon wat veroorzaakt wordt door een tumor van de schildklier, te onderdrukken. Maar ja.. ik wilde het beste voor mijn beestje en op aanraden van mensen die goede ervaringen met de faculteit in Gent hadden, heb ik Dobby aangeboden voor een radioactief jood behandeling. De tumorcellen, die het teveel aan hormoon produceren, worden hierdoor kapot gemaakt, waardoor alleen de goed werkende cellen overblijven.  Na de behandeling, blijft de kat nog een tijdje radioactief en ook in speeksel, urine en ontlasting wordt radioactiviteit uitgescheiden. Men moet dus voorzichtig hiermee omgaan en ook moet de inhoud van de kattenbak een aantal maanden bewaard worden op een aparte plaats, zodat de radioactiviteit verminderd tot een acceptable niveau dat het afgevoerd kan worden. Een half jaar na de behandeling bleek de T4 waarde te zijn gezakt tot 28,3, een waarde die binnen de normaal valt. Ook was Dobby in dat halve jaar een halve kilo aangekomen en werd zijn gedrag ook weer meer als voorheen.

Scintigram met beiderzijds te grote schildklieren

Een geslaagde behandeling dus! Schildklierproblemen hebben over het algemeen een goede prognose. Maar er zijn meer behandelingen.

Er zijn 4 soorten behandelingen mogelijk

  1. Behandeling met radioactief jodium: radioactief jood zal de zieke schildkliercellen kapot maken, zodat de gezonde overblijven. Hierbij is dus volledige genezing mogelijk. Hierna is ook geen medicatie nodig.
  2. Behandeling met tabletten Felimazole/Thiafeline : deze remmen de aanmaak van het schildklierhormoon (de oorzaak wordt niet weggehaald!)
  3. Joodvrije voeding (Hills Y/D): in dit voer zit minder jodium, wat nodig is voor de aanmaak van schildklierhormoon. Door minder jood wordt dus minder hormoon aangemaakt.
  4. Operatief verwijderen van de vergrote schldklier (hiervoor is vooraf een scan nodig)
T4 waarde na behandeling met radioactief jood

 

Voor meer informatie bekijkt u de website: https://orsami.be/sites/default/files/Radiojoodtherapie%20kat_%20v2017.pdf